Je gaat op reis, met jouw verwachtingen, voorkeuren en doelen. Maar het wordt een lange reis, dus je hebt anderen nodig om die te voltooien, zeker met jouw geringe ervaring. Dat vind je niet erg, het lijkt je juist gezellig om met anderen op te trekken en samen de reiservaring te delen en op te doen. Reisgenoten hebben ook verwachtingen, voorkeuren en doelen van zichzelf, maar je gaat onderweg en hoopt dat je medereizigers vindt, die dezelfde kant op willen. In het begin is dat makkelijk, want je sluit aan bij andere beginnende reizigers, die net als jij wel een globaal plan hebben, maar ook de lat ook nog niet zo hoog leggen. Enthousiast wordt elk idee omarmt en de reis brengt je op plekken, die je niet had verwacht. Het wordt een fantastische eerste reis.

Naarmate je vaker of langer hebt gereisd, krijg je hogere verwachtingen, specifiekere voorkeuren en duidelijkere doelen. Medereizigers, die dat ook hebben, kiezen vaker een eigen route, maar nieuwe reizigers haken daarentegen graag bij jou aan, vanwege je ervaring en volgen je enthousiast in jouw plannen. Je herinnert je, dat tijdens jouw eerste reis een paar wat meer ervaren reizigers je vaak op weg hebben geholpen.  Nu is het jouw beurt om anderen op sleeptouw te nemen. Zo reis je niet alleen, maar bepaalt wel zelf de richting. Na verloop van enige verdere reizen merk je, dat dit toch ook wel eens vermoeiend is, omdat je ineens niet alleen reiziger bent, maar ook als reisleider wordt beschouwd. Sommigen groeien in deze rol van reisleider.

Maar jij wilt verder reizen, hoger, naar specifiekere en uniekere reisdoelen en gaat daarom op zoek, naar ervaren medereizigers, die dezelfde of minstens vergelijkbare doelen hebben. Die vindt je ook nog wel, maar naar blijkt, hebben deze ervaren reizigers inmiddels zelf ook hogere en specifiekere verwachtingen en voorkeuren over hoe zij hun doel willen bereiken. Soms hebben ze al een complete reisgroep, en is de karavaan vol. Hoe leuk was het geweest als je je bij hen had kunnen aansluiten, maar ja ze hadden geen plek meer. Je kijkt om je heen; is er nog een reisgroep, die nog wel plek heeft, en ook dezelfde kant op wil? Of start je je eigen reisgroep? Misschien wacht je je kans nog even af en maak je tussendoor een laagdrempeliger uitstapje.

Hoe specifieker het doel, hoe meer de verwachtingen, voorkeuren en doelen van elkaar verschillen en tegelijkertijd hoe meer de reizigers elkaar nodig hebben om hun doel te bereiken. Op een enkele alles-kunnende soloreiziger na, komen de reizigers voor een dilemma te staan. Meebewegen met anderen, vasthouden aan je eigen doel, of genoegen nemen met iets minder. Sommigen haken af, anderen volharden en weer anderen blijven zoeken naar het ideale team. Er zijn ook reizigers, die het erop wagen en het er gewoon met een aantal medereizigers op pad gaan en wel zien waar het schip strandt. Regelmatig vallen deze spontane reisgroepen halverwege uit elkaar en moeten deze reizigers hun reis hierdoor herzien of zelfs afbreken. 

Niet de reis, maar het reizen brengt dilemma’s mee. Wat ga je doen, wanneer de reisgroep een afslag neemt, die afwijkt van de weg naar jouw doel? Stap je uit en ga je zelf verder, proberend een nieuwe reisgroep te vinden? En ben je dan boos op de reisgroep, dat ze een ander kant op gaan, of blij, dat je zover met hen hebt kunnen reizen? Of blijf je aan boord, hopend, dat de reis uiteindelijk toch ook weer richting jouw doel gaat, ook als dat wat langer duurt? Volg je dan je reisgenoten en houdt je stilletjes hoop, of probeer je steeds weer richting jouw reisdoel te bij te sturen. En moet je afscheid nemen van medereizigers, als blijkt dat zij het bereiken van anderen hun doel tegenhouden? Is het reisdoel eigenlijk nog belangrijk, of kun je ook nog genieten van het reizen, als anderen de richting bepalen?

De grote vraag, die eigenlijk over alles in het leven gaat, is: Hoe weet je wanneer je standvastig moet zijn en wanneer je beter los kunt laten? Degene die hun doel behalen laten zien, dat je vol moet houden, uiteindelijk kom je er dan ooit. Degene die hun doel niet halen, tonen daarentegen dat je niet zo koppig moet zijn, en ook eens open moet staan voor andere richtingen. Bereik je de top door te volharden, zelfs tegen de storm in? Of verzaak je niet alles  door vast te blijven houden aan een onhaalbaar doel en zou je niet beter mee kunnen bewegen? Boom of riet? Geluk of gelijk? Reis of doel?